dinsdag 17 oktober 2017

Zeilen zonder gedoe..



Onze Engelse vrienden zijn onrustig. Vetrekken te vroeg van de Azoren en moeten dat bekopen met dagen lang tegen de noordooster wind in op te hakken. Niet handig.

Wij….wij hebben wat meer geduld en vertrekken een week later met een prachtige zeilbare wind. De tocht van 900 mijl naar Muros, Noord Spanje wordt één van de fijnste zeiltochten van onze jaren lange reis. Niet steeds de wind pal van achteren of van voren, maar eens wat meer van opzij en vooral niet te hard of te zwak. Geen mist bij Spanje en ook geen loei harde wind voor de kust.
Een verademing. Wel was het behoorlijk druk voor de kust. Het leek wel een scheepstrein. Eindelijk eens een reis zonder gedoe. Daar hebben we lang op moeten wachten. De eerste dagen na de Azoren komen nog eenmaal de 'Portugese oorlogsschepen' langs zeilen, maar verder is er niet veel te zien.

Dichter onder de Spaanse kust wordt dat anders. Vogels die vol overgave zich in het water storten, dolfijnen die op grote snelheid onder die vogels door zwemmen en de visjes die hopeloos proberen te ontkomen. De visjes die dan toch nog weten te ontkomen worden verderop opgewacht door een hele vloot vissersschepen. Ik ben blij dat ik geen visje ben.

Dan komen we op de plek aan waar we in 2011 ook waren, Muros. Pal voor de haven laten we het anker vallen. De eerste plek waar we voor de tweede keer ankeren. In die tijd voeren we samen met de Blue Whale en hadden hier een gezellige tijd. We verheugen ons erop dat nog eens over te doen.

Vanaf het water zien de terrasjes er aantrekkelijk uit. Koffie met gebak en lekker in het zonnetje. Omdat het zeewater koud is waait er meestal een koel briesje. Dat maakt het in kombinatie met het warme zonnetje tot een heerlijk temperatuurtje.

Elke dag zijn we te vinden op de terrasjes, appen er op los en kijken wat de wind doet. Voorlopig waait het hard en blijven wij lekker liggen. Even niks. Het is heerlijk wandelen in de heuvels achter Muros. Leuke kleine paadjes tussen de muren die er al honderden jaren staan, over de hoogvlaktes met fraaie uitzichten over de Ria en we plukken bramen. Emmers vol, die na behandeling van Trees allemaal in potjes belanden.

Dan draait de wind naar het noord oosten en komen we op deze plek aan lager wal te liggen. Dat is niet zo erg, maar de golven nemen aardig toe en reflecteren op de Muros kademuur en daarmee wordt de ankerplek oncomfortabel. We verhuizen naar een baaitje drie mijl verderop en daar ligt het veel beter. Estreiro is niet zo gezellig als Muros, maar heeft wel strand en dat is ook wel weer leuk. Ook hier wordt gewandeld, koffie en bier gedronken en genieten van al die mensen op het strand. Ze willen allemaal wel zwemmen, maar komen ook allemaal van de koude kermis eh…water terug. Pootje baden, daar blijft het bij. Ook voor ons.

Dan komt er na drie weken een gaatje in het weerpatroon. Drie dagen lang laat de sterke noorden wind het afweten. Er komt een depressie voorbij met zuidelijke wind. Als we niet te veel gedoe willen moeten we nu weg en dan direct door naar de overkant van Biscay.

De depressie trekt uiteindelijk iets noordelijker dan voorspeld. Dat betekent dat de wind wat minder hard is. Vinden we niet erg en zeker niet wanneer de wind uit een andere hoek komt. Weer hoog aan de wind, maar nog steeds is Ile d’Quessant bezeild. Meer golven dan wind, maar doordat we hoog aan de wind varen blijven de zeilen staan. Na twee dagen verandert het weer nogmaals en kunnen we verder zeilen dan gedacht. Het valt allemaal wel mee. Zelfs het oversteken van het verkeersscheidingsstelsel gaat gemakkelijk. Veel minder druk op dat moment.

Wel werden we ter verantwoording geroepen door de Franse kustwacht. Waarom we het stelsel niet haaks overstaken en dat het wel voorschrift is. Ik kon uitleggen dat een iets andere koers dan haaks een veel hogere snelheid gaf, waardoor de oversteek tijd met een uur verkort werd. Het recht tegen een korte hoge golf invaren duurt langer en was daardoor onveiliger. Dat werd door de man geaccepteerd.

Bij Lizard point, de zuid kaap van Engeland is het weer druk. We wijken regelmatig wat uit voor de scheepvaart en omzeilen regelmatig lastige vissersboten. De laatste groep blijft altijd maar op je aan sturen en in het donker is dat steeds weer lastig en dan zijn we plotseling in Falmouth. Zo zit dit tochtje er weer op.

Falmouth is gezellig. Afgeladen met toeristen, velen in shorts en open bloesjes en zo. Alsof het tropisch is. Het is lekker weer, dat wel maar niet overdrijven. We winkelen, bezoeken de vele terrasjes doen de bootschapjes en maken hele wandelingen in het typische Engelse landschap.

Ruim twee weken ankeren we in deze fraaie baai. Elke dag uitzicht op de tientallen bootjes die rond om ons heen zeilen . Elke dag als er wind staat worden er wedstrijdjes gehouden. Het is allemaal heel levendig. Het is een fijne plek om te liggen, ook doordat het niet regent.

Toch wordt het weer tijd om het boeltje op te pakken en de laatste etappe naar Nederland te varen. Wachten op het weergat ofwel zeilen zonder veel gedoe. Het laatste stuk was toch nog met windkracht 8, maar IJmuiden kwam in zicht….



We zijn benieuwd wat Nederland ons gaat brengen.


woensdag 30 augustus 2017

De Azoren, eilanden vol ( mannetjes) koeien,


Sommige zeilers zeggen dat het traject van Bermuda naar de Azoren gemakkelijk is. Wij hebben dat niet helemaal ervaren. Natuurlijk hoeft men niet tegen een stevige Noord Oost passaat in te zeilen en zou onder andere de stroom nu met ons mee zijn. Nee ..zo was het niet helemaal.

Wij hadden die veertien dagen, dagen met helemaal geen wind, hele stevige wind recht van voren en van tijd tot tijd een kleine storm. Klein, omdat we preventief veel verder zuid zeilden, dan het Jimmy Cornell boek adviseert. Hierin staat, dat men naar achtendertig graden noord moet varen om voldoende westenwind te houden. Gezien het hele weerpatroon van de afgelopen weken leek het ons verstandiger om honderden mijlen zuidelijker te blijven, op de 33/34ste breedtegraad, om zo niet meer dan veertig knopen wind te krijgen. Alle lagedruk gebieden kwamen veel verder zuid, dan gemiddeld en de stroom was soms mee, maar soms ook met twee en een halve mijl tegen. Op dat moment hadden wij 35 tot 40 knopen wind van achteren, dus kwamen we nog steeds goed vooruit. In al die wisselende omstandigheden zeilde en motorde SantanA gewillig en best wel comfortabel en uiteindelijk landen we op ons eerste eiland van de Azoren, Flores wel te verstaan.

Flores heeft een jachthaven, voor ons veel te klein en trouwens overvol dus ankeren wij voor de deur. Een aardige ankerplaats als er maar geen noord wind komt.
Op het eiland lijkt het wel dat de tijd stil heeft gestaan. Alle moderne zaken zijn er wel als dure auto’s, internet, smartphones, maar aan de andere kant karretjes met ezels, melkbussen, simpele winkels waar van alles te koop is en armoedige huizen. Totaal anders dan Bermuda. Toch is het op beide eilanden heerlijk wandelen.

Onze ankerplaats ligt tegen een wand van hoge kliffen aan en elke avond worden we getrakteerd op een overweldigende kakafonie van geluiden, die soms klonken alsof er een groep katten aan het miauwen was. Het zijn allemaal vogels, Corey Sheerwater en wat kunnen ze een lawaai produceren. Uren lang gaat het door en dan plotseling, als of er een dirigent staat, is het over. We zijn er van onder de indruk.

Dan komt de noorden wind en….de golven. Een dag houden we het uit, daarna wordt het te gortig en besluiten om het hazenpad te kiezen. Ons windje schiet zo af en toe uit naar de veertig knopen en veel zeil hoeven wij niet te zetten. Ons schip heeft er wel zin in en zet het op een lopen en we hoeven in elk geval niet te motorren.

Ons tweede eiland Sao Jorge is slechts vierentwintig uur verder. Bij aankomst zeiden onze Engelse vrienden van de Quicksilver dat het een ruig ritje was en dat was eigenlijk wel waar. Elke keer zijn we ook zo blij dat ons scheepje zich zo gemakkelijk laat varen. Wij hadden er deze keer niet zo’n last van, gewoon niet te veel zeil op, beter comfortabel en iets langzamer. We hebben ons hier getrakteerd op een week in de haven aan de kade muur. Af en toe moest je wel bijna in spagaat kunnen om van en op de boot te komen….maar we zijn nog steeds lenig.

Sao Jorge is een simpel vulkaan eilandje, met simpele dorpjes, het leven hier lijkt eenvoudig en het staat vol met koeien. Het landschap is prachtig groen en beneden golft de blauwe zee. Ja …de tijd gaat hier schijnbaar langzamer, toch wordt het tijd om verder te gaan. Orca gaat vast vooruit naar Nederland en wij varen met tien zeilboten tegelijk naar Terceira. Het aantal zeilboten is behoorlijk toegenomen, waardoor havens overvol zijn en er ook altijd wat om je heen zeilt. De Azoren zijn geen verlaten eilanden meer en dat is wel een beetje jammer.

Angra do Heroismo, een Unesco stad, is de volgende bestemming. De haven is vol en veel te duur en we ankeren met ons allen voor de deur. Beetje rollerig, maar wat geeft dat en er is feest in de stad. Gezelligheid alom en gratis muziek en veel ..en heel luid,….en heel VALS, tot in de vroege uurtjes en dat is iets minder leuk.

De stad is prachtig en staat terecht op de Unesco lijst. We slenteren door de straatjes, kijken in de winkeltjes en genieten van de vele terrasjes. Op de vele pleinen worden dansfestijnen gehouden en in de straten marcheren de Brass blazers. Op de laatste dag verzamelt de gehele gemeenschap rond de haven om ademloos toe te zien hoe men mannetjes koeien, lees stieren, uitlaat aan een lang touw. De stier is niet altijd even gewillig en heeft daarom 10 krachtpatsers die het touw vasthouden.

Het is allemaal een beetje tam, de stieren hebben er ook geen zin in, ze worstelen regelmatig met dat lange touw en glijden daardoor ook nogal eens uit. De heren wachten wel totdat het over is. Slechts eenmaal is er een te heldhaftig persoon die de stier teveel uitdaagt. Beiden zetten het op een rennen en de voorste krijgt nog net een duwtje van achteren en valt met een grote plons in het water. Verder helemaal geen bloed, geen afgerukte ledematen, geen ziekenauto’s, helemaal geen actie. Ja….het was wel een beetje tam, maar wel veilig.

Later, wanneer we met elkaar weer verhuisd zijn naar Praia, maken we kennis met de boeren en beheerders die de mannetjes koeien fokken en opleiden voor het ware stierengevecht. Ze zijn trots op hun vak en daarom wordt er elke zondag bij de arena een BBQ gehouden. Eten en drinken is gratis en vriendelijkheid al om. Het is daar dan aangenaam verpozen. Grootste uitdaging is hoe ze de stier kwaad kunnen krijgen, aan een touw kunnen uitlaten en pootjes laten geven. Het zijn kunstenaars.

Praia ligt ook op Terceira en heeft grote breakwater, dijken, waardoor het prima beschermd is voor de altijd voorkomende oceaan golven. Jaren geleden kwamen we in Sao Francisco du sul, Brazilië, de Skua met Mia en Wijtze tegen. Zij zijn hier aangekomen, gaan wonen en natuurlijk zochten we ze op. Het was alsof we al jaren samen optrekken. Zo gemakkelijk gaat het om de draad weer op te pakken. Uren en uren praten en drinken we samen. Zo gezellig, we werden er schor van, zoveel hadden we elkaar te vertellen. Met recht gold hier het gezegde , Gezelligheid Kent Geen Tijd.

Terceira is eveneens een vulkanisch eiland en het staat vol met koeien. Wanneer we boven op een vulkaantop staan zie ze je ook overal in bosjes staan. Het landschap is fraai en straalt geborgenheid uit en overal staan grote bossen hortensia’s langs de weg, ze mogen dan van oorsprong uit de Himalaya komen, ze geven het eiland kleur. Het is zeker plezierig hier te zijn. Het eiland is niet rijk, maar het heeft alles en we kunnen ons voorstellen dat Mia en Wijtze hier willen wonen. Leuk is dat ook aan deze kant van Terceira de stieren worden uitgelaten. Ook aan een lang touw met vele baasjes. Het beestje mag dan even door de straten rennen. Even de benen strekken en iedereen kijkt naar je. Het is een heel sociaal gebeuren en alle locals komen er op af, velen om de stier ook een beetje op te hitsen…..afleiding van alle beslommeringen of manmoedigheid.

Ook komt er voor ons aan dit schouwspel een eind wanneer er zich een goed moment aandient om duizend mijl verder te varen naar Spanje. Het weer speelt niet altijd mee en een goed moment voor de tweede keer laten schieten is vragen om…..We gaan.